Hoe ziet een goed projectplan voor de Expeditie Regeling eruit en welke rol kan Hobp spelen?
De arbeidsmarkt verandert in hoog tempo. Personeelstekorten, vergrijzing, technologische ontwikkelingen, veranderende functie-eisen en de noodzaak om medewerkers langer en gezond aan het werk te houden, maken duurzame inzetbaarheid steeds belangrijker.
Hoe bouw je een cultuur waarin duurzame inzetbaarheid centraal staat?
Veel organisaties investeren in losse initiaties zoals vitaliteitsweken, gezondheidschecks, trainingen en vaak zelfs het gesprek met de medewerker. Hoewel deze activiteiten waardevol kunnen zijn, leiden ze niet automatisch tot een organisatie waarin medewerkers duurzaam inzetbaar blijven. Echte verandering ontstaat pas wanneer duurzame inzetbaarheid onderdeel wordt van de organisatiecultuur.
Waarom zet duurzame inzetbaarheid de HR-wereld op zijn kop?
Duurzame inzetbaarheid leek jarenlang vooral een HR-thema. Het ging over vitaliteit, gezondheid, verzuim en misschien een cursus of opleiding voor medewerkers. Maar die tijd is voorbij.
De Expeditie Regeling 2026: dé kans om duurzame inzetbaarheid in jouw sector écht te versnellen
De Nederlandse arbeidsmarkt staat onder druk. Personeelstekorten nemen toe, medewerkers werken langer door en organisaties worden geconfronteerd met een groeiende behoefte aan ontwikkeling, scholing en behoud van talent. Daarom start het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid binnenkort met de Expeditie Regeling.
Hoe bouw je een businesscase voor duurzame inzetbaarheid?
Steeds meer organisaties zien de noodzaak om te investeren in hun medewerkers. De arbeidsmarkt wordt krapper, functies veranderen sneller en medewerkers moeten langer gezond en gemotiveerd blijven werken. Toch blijft voor veel organisaties één belangrijke vraag bestaan: Wat levert investeren in duurzame inzetbaarheid mijn organisatie daadwerkelijk op? Om deze vraag goed te beantwoorden, is een sterke businesscase nodig.
Waarom is duurzame inzetbaarheid veel meer dan het voorkomen van verzuim?
Wanneer organisaties spreken over duurzame inzetbaarheid, gaat het gesprek vaak al snel over gezondheid, vitaliteit en ziekteverzuim. Dat is begrijpelijk, want verzuim is zichtbaar en de kosten zijn eenvoudig te berekenen. Toch zit de grootste financiële schade vaak ergens anders. De werkelijke kosten van onvoldoende duurzame inzetbaarheid ontstaan juist wanneer medewerkers wel aanwezig zijn, maar niet optimaal functioneren.
Is meten van duurzame inzetbaarheid de eerste stap naar een beter bedrijfsresultaat?
Iedere organisatie wil graag prestaties realiseren, medewerkers behouden en de kosten van verzuim en verloop terugdringen en beheersen. Toch beginnen verbeterprogramma’s vaak met oplossingen voordat duidelijk is waar de werkelijke problemen precies zitten.
Wat zijn de valkuilen voor bedrijven ten aanzien van duurzame inzetbaarheid?
Steeds meer organisaties erkennen het belang van duurzame inzetbaarheid van medewerkers. De arbeidsmarkt verandert, personeelstekorten nemen toe en medewerkers moeten langer gezond en gemotiveerd kunnen blijven werken. Toch blijkt in de praktijk dat veel organisaties moeite hebben om duurzame inzetbaarheid succesvol onderdeel te maken van hun beleid. Niet omdat de intentie ontbreekt, maar omdat organisaties regelmatig tegen dezelfde valkuilen aanlopen.
Duurzame inzetbaarheid een HR-thema of organisatievraagstuk?
Wanneer in een directievergadering het onderwerp duurzame inzetbaarheid op de agenda staat, gebeurt er vaak iets opvallends. Vrijwel automatisch wordt er gekeken richting HR. Alsof duurzame inzetbaarheid uitsluitend gaat over opleidingen, vitaliteitsprogramma’s, verzuimbegeleiding of arbeidsvoorwaarden. Daar begint misschien het gesprek, maar daar mag het zeker niet eindigen. Duurzame inzetbaarheid is namelijk geen HR-thema: het is een organisatievraagstuk.
Waarom sturen we op data bij alles, behalve bij onze mensen?
Organisaties werken steeds slimmer. We voorspellen klantgedrag, analyseren omzetontwikkelingen en gebruiken AI om patronen te herkennen die we zelf misschien zouden missen. We weten welke campagne het beste presteert en welke voorraad volgende maand nodig is. Maar zodra het over medewerkers gaat, klinkt het ineens anders.